Wanneer miljoenen schelpen sporen trekken en graven, veranderen ze de complete structuur van de zeebodem. De Filippijnse tapijtschelp en de strandgaper trekken sporen van Azië en de Grote Oceaan naar het strand van Schiermonnikoog.
Welke sporen laat een mens achter?
Voor alles geldt dat elk spoor het bewijs is van één ding: hier was of ís leven in beweging.
Op hun eigen manier en in twee totaal verschillende boeken schetsen Jaap Robben en Peter Buwalda de levens van mensen en hun invloed op hun omgeving en besteedt Joost Oomen aandacht aan de laatste fase van een leven, dat eindigt in een doodswens.
Jaap Robben schreef met De laatste namen van Lukasz een eigentijds Europees epos. Over een continent als samengesteld gezin, waarin taal en afkomst bepalen wie gezien wordt en wie onzichtbaar blijft. De onzichtbare laag van arbeidsmigranten die onze samenleving draaiende houdt krijgt eindelijk een gezicht en een stem, in al haar Babylonische veeltaligheid.
In De jaknikker van Peter Buwalda, de langverwachte ontknoping van het literaire succes Otmars zonen keren we terug naar bastaardzoon Ludwig Smit en Shell-ceo Johan Tromp. Karakters en verledens botsen met elkaar en vormen een gevaarlijk weefsel van vermoedens en teleurstelling.
Joost Oomen schreef een ode aan de schoonheid en een pleidooi voor euthanasie bij voltooid leven. Het is het verhaal van twee mannen met als inzet het recht om op eigen voorwaarden te sterven. Een paradijs van slapen is ontroerend zonder emotioneel te worden, een relaas van een leven dat in het teken stond van de zoektocht naar schoonheid.